de Broholmer

Geschiedenis van de Broholmer

De basis van de Broholmer werd al gelegd in de vroege middeleeuwen. Vikingen uit Denemarken brachten Mastiff achtige honden mee van hun rooftochten en handelsmissies. Deze honden werden onderling gekruist met hun eigen honden.

Hieruit ontstond een grote hond die gebruikt werd als drijver en bewaker van vee, waakhond en jachthond op groot wild. Door de jaren heen bleven de voorlopers van oa. de Engelse Mastiff en de Duitse Dog het ras beinvloeden (en vise versa).

De Deense adel onderhield contact met diverse andere adelijken in de rest van Europa. Honden werden vaak onderling als geschenk gegeven en ingekruist in de eigen honden. Na lange tijd een van de meest veelvuldig voorkomende type in Denemarken te zijn, ging deze hond in de 19e eeuw in aantal gestaag achteruit.

Twee wereldoorlogen en een grote economische depressie gingen over de wereld heen. Dit maakte de omstandigheden voor grote honden ongunstig en zoals bij vele andere grote rassen nam het aantal Broholmers dramatisch af. Inschrijvingen bij de Deense kennelclub namen steeds verder af en een onafhankelijke organisatie nam het stamboek toen over van de Deense Kennelclub.

Pas in 1974 kwam de Broholmer weer in de belangstelling van de Deense Kennelclub en werd begonnen met inspanningen om het ras te behouden/reconstrueren. Helaas was er toen nog maar 1 exemplaar uit het stamboek aanwezig. Dit exemplaar bleek helaas niet meer bruikbaar voor de fok. Hierop ging men door Denemarken op zoek naar de laatste stamboomloze honden welke voldeden aan het rasbeeld. Deze zoektocht leverde een klein aantal honden op welke voldeden aan het type en bruikbaar waren voor de fok.

De zoektocht door Denemarken leverde echter ook enkele zwarte exemplaren op. Historische onderzoek wees uit dat ondanks dat de zwarte kleur niet is toegestaan in de standaar uit 1886 er af en toe zwarte pups werden geboren. Deze werden vaak opgekocht voor bewakingsdoeleinden bij het pretpark Tivoli. Ook deze honden werden daarop in het terugfokprogramma gebruikt.

Men slaagde erin het type te behouden en weer vast te leggen. In 1982 werden de inspanningen beloond en werd het ras erkend door de FCI. De rasstandaard uit 1886 werd hierbij overgenomen met als enige toevoeging dat de kleur zwart nu wel was toegestaan.

 

Dankzij het fokbeleid waarbij streng werd gekeken naar de gezondheid en het karakter van de honden is het ras in veiliger vaarwater terecht gekomen. Het totale bestand is nu rond de 1000 exemplaren wereldwijd, waarvan het merendeel nog steeds in Denemarken wordt gehouden. Sinds 1999 zijn er kleine aantallen naar het buitenland geëxporteerd waaronder dus ook Nederland. Op dit moment zijn er ongeveer een 40-tal Broholmers in Nederland, ook zijn er de afgelopen jaren al een paar nesten geboren.

Rasbeschrijving van de Broholmer

De Broholmer is een grote maar toch atletisch uitziende Mastiff waarvan de reuen een schofthoogte hebben van ongeveer 75 cm en een gewicht van 55 tot zo’n 70 kg. De teven zijn zoals bij de meeste rassen iets kleiner, ongeveer 70 cm hoog en een gewicht van 45 tot 60 kg. De honden komen in 3 kleurslagen voor, rood, geel met zwart masker en zwart. De zwarte kleur is nog steeds erg zeldzaam. Op dit moment is er 1 zwarte reu in Nederland. De gemiddelde leeftijd waarop een Broholmer komt te overlijden is 10-11 jaar.

 

 

De Broholmer is vriendelijk voor mensen en andere dieren. De honden zijn echter wel waaks maar mogen hierbij niet agressief zijn. Ze zijn graag in de nabijheid van hun eigenaren, het zijn geen honden om een hele dag in een kennel te huisvesten. De reuen kunnen soms wat intolerant zijn naar andere volwassen reuen. Het is belangrijk om een Broholmer goed te socialiseren zodat het evenwichtige honden worden. De opvoeding kost niet heel veel moeite, het zijn echter geen honden die eindeloos een oefening willen herhalen.

Een Broholmer heeft een gemiddelde behoefte aan beweging. Een flinke wandeling in het bos staat ook hoog op het verlanglijstje van een Broholmer.